Naar het museum

comments 3

Vandaag ging ik naar het Noordbrabants Museum. Als een ervaren museumbezoeker had ik vooraf kaartjes gekocht. Inclusief audiotour. Gewoon voor de heb. ‘Kom, we pakken de ingang van het Stedelijk Museum’, zeg ik, ‘Dat scheelt vast wachttijd.’ De teleurstelling is groot wanneer we vriendelijk verzocht worden de vooringang te gebruiken. ‘Ik zei het toch’, grijnst vriend(niet)lief wanneer we achteraan de rij aansluiten. Gelukkig neemt de stoet snel in lengte af, de meeste mensen waren namelijk minder slim dan ik. Alle kaartjes voor vandaag zijn uitverkocht. Ha! Bij bosjes druipen de grijze muizen af. Ik vind het alles behalve zielig. Morgen weer een dag, werken hoeven ze toch niet. Zeeën van tijd. Nou, niet als je ze in de rij voor de garderobe ziet staan. Voorkruipen alsof hun leven er vanaf hangt, alsof ze hierna nog drie werkbezoeken moeten afleggen en dan is er nog die ledenvergadering vanavond. Met andere woorden, er is haast bij. In de meeste gevallen behoor ik tot de groep vriendelijke, goedwillende jongeren. Ik houd deuren open, groet, laat mensen voorgaan en sta altijd mijn stoel af. Vandaag niet, vandaag vind ik iedereen boven de 55 (sorry mam) irritant.

Ik kijk op mijn horloge en constateer dat het nu eigenlijk tijd is voor een potje bingo, maar wanneer er een tentoonstelling te zien is van een tijdgenoot, tja dan moet je daar natuurlijk als de kippen bij zijn. Ik zweer het, ik heb bij ieder schilderij minimaal drie minuten moeten wachten voordat ik er ook maar een glimp van op kon vangen. Een beetje duwen is daarbij uit den boze, je wil namelijk geen botten breken. Heus, ik ben drukbezochte musea echt wel gewend, maar dit sloeg alles. De audiotour gesprekken ‘Wat zeg je, Will? Ik hóóóór je niet. Hoe zet ik dit ding uit?!!’ daargelaten. Mijn pogingen om alle omgevingsgeluiden te negeren, mislukt keer op keer. Ik heb namelijk geen audiotour. Een vijftien meter lange rij voor een koptelefoon, daar had ík nou geen tijd voor en in het boekje staat immers precies hetzelfde. Daar kwamen Will en Ans ook achter toen ze mij het boekje zagen bestuderen. Van hun gezichten lees ik af dat de beide dames niet begrijpen hoe ze een beschrijving opnieuw kunnen beluisteren. Will stapt dapper op me af en vraagt: ‘Zouden we alsjeblieft de tekst nog even mogen nalezen in jouw boekje?’ Ik frons mijn wenkbrauwen, kijk haar onbegrijpend aan en zeg: ‘Pardon me? Sorry, I don’t speak Dutch.’ Nog voor Will zich kan verontschuldigen komt mijn vriend aangelopen. ‘Ga je mee Roos, ik heb het wel gezien.’

Comments 3

  1. Zo, dus ik ben irritant (want ouder dan 55)…. Is prima maar dan wil ik het ook wel geweest zijn! Kijk uit naar eerstvolgende ontmoeting.. ?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *